Kwaliteitsbeeld Gehandicaptenzorg 2025
Voor de sector gehandicaptenzorg wordt het kwaliteitskompas gehandicaptenzorg gebruikt. Het kwaliteitskompas heeft 3 inhoudelijke bouwstenen: ‘het zorgproces rond de individuele persoon’, ‘onderzoek naar de ervaringen van mensen met een beperking’ en ‘professionele ontwikkeling’ . Daarnaast benoemen wij een hoofdstuk ‘leren en ontwikkelen’.
Er hebben 15 leden deelgenomen aan dit kwaliteitsbeeld. Dat is 68% van de leden waar dit kwaliteitskompas op van toepassing is. De respons is voldoende representatief voor een reflectie op het kompas.




Bouwstenen van het kwaliteitskompas gehandicaptenzorg
Het zorgproces rond de individuele persoon
Persoonsgerichte zorg en ondersteuning
Goede zorg en ondersteuning is persoonsgericht, dat wil zeggen: het zet de mens centraal en het sluit aan op de mogelijkheden, de wensen en het leven van degenen aan wie professionals elke dag zorg en ondersteuning verlenen. Het ondersteuningsplan is daarbij een belangrijk middel.
De handreiking ondersteuningsplannen, een uitgewerkt onderdeel van het kwaliteitskompas, is niet bij alle deelnemende leden bekend en de praktijkvoorbeelden in de handreiking worden niet of deels bruikbaar geacht. Twee leden geven aan dat zij nieuwe dingen hebben geleerd door het lezen van de handreiking, en één lid heeft veranderingen doorgevoerd naar aanleiding van de handreiking.
Bij CBZ werken we met het elektronisch cliëntdossier van ONS Nedap. Ruim 80% van de respondenten is tevreden met het werken in ONS. Als mogelijke verbetering wordt genoemd het implementeren van eigen formats in het systeem.
De leidraad Perspectief op persoonsgerichte zorg, ook onderdeel van het kwaliteitskompas, is evenmin goed bekend bij de deelnemende leden, en wordt maar deels als bruikbaar geacht. Een verklaring is dat de zorgondernemers die zijn aangesloten bij CBZ vaak een zeer gevarieerd zorgaanbod heeft.
Het betrekken van de deelnemer/cliënt bij het ondersteuningsplan past naadloos bij de kernwaarde ‘gekend‘: Bij CBZ draait zorg om de mens. Wij nemen de tijd om onze cliënten en bewoners echt te leren kennen en sluiten aan bij wat zij nodig hebben. Zorg op maat, afgestemd op hun leven.
Op de vraag op welke wijze deelnemers/cliënten worden betrokken bij het ondersteuningsplan wordt door ruim 80% aangegeven dat de cliënt samen met de persoonlijk begeleider en eventueel familie het zorgplangesprek voorbereid. Er wordt veel (65%) gebruikgemaakt van eenvoudige taal en/of pictogrammen. 53% geeft aan dat de cliënt toegang heeft tot ONS via het cliëntportaal Caren en 59% de wettelijke vertegenwoordiging.
Mooi voorbeeld: 4 deelnemende leden geven aan dat de cliënt zelf, met hulp van begeleiding, zijn of haar doelen en evaluaties schrijft.
Onderzoek naar de ervaringen van mensen met een beperking
Zorg en ondersteuning gericht op kwaliteit van bestaan
Wat vinden mensen met een beperking en hun verwanten van de zorg en ondersteuning die zij dagelijks ontvangen, en van de kwaliteit van hun bestaan? De tweede bouwsteen van het kwaliteitskompas Gehandicaptenzorg stelt de stem centraal van de mensen die zorg en ondersteuning krijgen.
Volgens het Kwaliteitskompas moeten zorgorganisaties tenminste eens per 3 jaar een cliënttevredenheidsonderzoek uitvoeren. Veel bij CBZ aangesloten zorgondernemers hebben deelnemers of cliënten met uiteenlopende indicaties (VV, VG en GGZ), mensen die gebaat zijn bij persoonsgerichte, kleinschalige zorg. CBZ vindt het belangrijk dat cliënttevredenheid wordt gemeten en dat dit leidt tot leren en verbeteren. Daarvoor is het nodig dat de zorgondernemer een methode en vragenlijst hanteert die hier het meest aan bijdraagt. CBZ heeft de ambitie om haar leden hier actief in te gaan ondersteunen (2026/2027).
Van de leden die deelnemen aan dit kwaliteitsbeeld hanteert 24% het instrument ‘Vanzelfsprekend’ en 18% ‘Dit vind ik ervan’. 59% hanteert een eigen vragenlijst of een combinatie van bovenstaande.
Resultaten van cliënttevredenheidsonderzoek wordt 88% altijd of meestal besproken met de medewerkers. In 82% leiden de resultaten van de ervaringsmeting altijd of meestal tot het verbeteren van organisatiebeleid of werkwijzen en in 70% altijd of meestal tot de inzet van scholing of training van medewerkers. In 35% leiden resultaten altijd of meestal tot de aanpassing van zorgplannen en 82% krijgen cliënten of familie een terugkoppeling van de resultaten.

Professionele ontwikkeling
Kwaliteitsverbetering voor en door professionals
Kwaliteit steunt op vakbekwame professionals die hun werk doen in dialoog met mensen met een beperking en hun verwanten. Het is daarom belangrijk dat professionals zich kunnen en blijven scholen en ontwikkelen met ondersteuning van werkgevers en beroepsorganisaties. Dat zij mogelijkheden krijgen om opgedane kennis te kunnen toepassen en (leren) werken volgens professionele standaarden, zoals richtlijnen en beroepscodes, in het kader van kwaliteitsverbetering. Dat zij toegerust zijn om hun werk goed te kunnen doen en de ruimte en het vertrouwen krijgen om hun expertise in te zetten en waar mogelijk te delen.
We vroegen de deelnemende leden op welke manier zij medewerkers faciliteren om zich beroepsmatig te ontwikkelen. 88% stimuleert het digitaal leren, bv. het volgen van e-learning of bijhouden van websites. 82% organiseert deskundigheidsbevordering in het team. 71% vergoed formele (geaccrediteerde) trainingen of opleidingen in tijd en/of geld en 65% faciliteert het leren in de praktijk (“coaching on the job”).



We hebben onze leden gevraagd welke deskundigheid zij in huis hebben, welke zij via CBZ inschakelen of via een andere partij, en aan welke deskundigheid zij wel behoefte hebben maar die niet beschikbaar is. We zien dat er goed is voorzien in deskundigheid, intern of extern geregeld. Door één aangesloten zorgorganisatie is aangegeven dat er behoefte is aan de beschikbaarheid van een AVG arts.
Deskundigheid zelf in huis
Deskundigheid via CBZ
Deskundigheid via andere partij
CBZ vindt het belangrijk dat zorgondernemers gebruik maken van een passende methodiek. We vroegen: “welke methodiek(en) gebruik je momenteel of wil je in de toekomst gaan gebruiken”? 65% gebruikt ‘Geef me de 5’, 41% ‘Triple C’, 12% ‘Steunend relationeel handelen’ en 6% het ‘Relationeel Competentiemodel’. 6 leden gaven aan een combinatie van methodieken te gebruiken, of benoemden andere methodieken: ‘presentiebenadering’, ‘motiverende gespreksvoering’, ‘Active support’, ‘Schalock’, ‘ABC- methodiek’ en ‘responsief handelen’.
Medezeggenschap
Bij CBZ betekent zeggenschap van cliënten dat zij de regie houden over hun eigen zorg en samen beslissen over hun ondersteuning. Via een cliëntenraad kunnen bewoners en familie meedenken over belangrijke ontwikkelingen en besluiten binnen de organisatie.
Sommige bij CBZ aangesloten zorgaanbieders hebben minder dan 10 medewerkers en zijn niet verplicht een cliëntenraad in te stellen. Van de 15 zorgondernemers die deelnamen aan dit kwaliteitsbeeld, hebben er 5 een cliëntenraad. 1 zorgondernemer geeft aan wel verplicht te zijn om een cliëntenraad in te richten, maar geen deelnemers te kunnen vinden. 9 zorgondernemers hebben de medezeggenschap anders georganiseerd. Bijvoorbeeld via bewoners-/deelnemersvergadering of een ouderraad.
CBZ heeft ook een Centrale Cliëntenraad (CCR), die de gemeenschappelijke belangen van deelnemers bij de leden behartigt op coöperatieniveau.
Leren en ontwikkelen
Leren en ontwikkelen is een continu proces. Het draagt bij aan de kwaliteit van zorg en de professionalisering van medewerkers. Dit gebeurt op verschillende niveaus: Individueel, in teams en samen met bewoners en hun naasten. Een open en veilige leeromgeving is daarbij essentieel, zodat medewerkers zich vrij voelen om ervaringen te delen, vragen te stellen en van elkaar te leren.
Leren van medewerkers tevredenheidsonderzoek maakt ook deel uit van leren en ontwikkelen. De resultaten daarvan worden voor 94% altijd of meestal besproken met medewerkers. In 83% draagt het altijd of meestal bij aan verbeteren van werkomstandigheden, 83% leidt altijd of meestal tot scholing, coaching of begeleiding. In 82% leiden de resultaten altijd of meestal tot het aanpassen van werkprocessen of roosters en 82% worden resultaten altijd of meestal gebruikt voor HR of personeelsbeleid.
Incidenten worden geregistreerd als Melding Incident Cliënt (MIC) in ONS Nedap en steekproefsgewijs gecontroleerd door de zorgconsulenten, ter voorbereiding op het bedrijfsbezoek. In geval van een calamiteit dan wordt er samen met CBZ onderzocht of er melding gedaan moet worden bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd.
In 2025 hebben zich geen meldingsplichtige situaties voorgedaan bij leden die onder het kwaliteitskompas gehandicaptenzorg vallen.Incidenten worden geregistreerd als Melding Incident Cliënt (MIC) in ONS Nedap en steekproefsgewijs gecontroleerd door de zorgconsulenten, ter voorbereiding op het bedrijfsbezoek. In geval van een calamiteit dan wordt er samen met CBZ onderzocht of er melding gedaan moet worden bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. In 2025 hebben zich geen meldingsplichtige situaties voorgedaan bij leden die onder het kwaliteitskompas gehandicaptenzorg vallen.
Het doel van het melden van incidenten is om ervan te leren en verbeteren. Hoe zorgaanbieders dat doen, kan verschillen. In dit kwaliteitsbeeld zoomen we in op de manier waarop cliënten of verwanten worden betrokken bij het leren van incidenten. We zien dat 51% cliënten of verwanten achteraf geïnformeerd worden over verbetermaatregelen. In 44% denken cliënten of verwanten actief mee over verbetermaatregelen, of worden zij actief betrokken bij het proces rond mic’s.

Hoe stimuleren leden een veilige cultuur van leren en ontwikkelen
We vroegen hoe zorgondernemers een veilige cultuur van leren en ontwikkelen stimuleren. Alle zorgondernemers geven aan dat zij zich inzetten op het veilig kunnen melden en bespreken van incidenten. Daarbij geeft men het belang aan van het eenvoudig en laagdrempelig kunnen melden (88%) en een zichtbare terugkoppeling van wat is geleerd of verbeterd (88%). Leidinggevenden geven het goede voorbeeld (81%) en er wordt geïnvesteerd in scholing en/of bewustwording (81%).
Leren en ontwikkelen doe je ook door je te informeren over landelijke ontwikkelingen. We vroegen hoe leden op de hoogte blijven van ontwikkelingen in de gehandicaptenzorg. De ledennieuwsbrief van CBZ is daarbij het belangrijkste middel (94%). Online platforms en nieuwsbrieven (VGN, Kennisplein gehandicaptenzorg etc.) wordt daarnaast veel genoemd (75%). Leden hebben ook baat bij professionele netwerken of samenwerking met andere organisaties (69%). Tot slot maakt men gebruik van congressen of scholing (63%) en haalt men informatie van het Ledenportaal van CBZ (63%).
